Nationale Genealogische Dag - 21 september 2013

De Genealogische Vereniging Prometheus van de Technische Universiteit Delft organiseert ter gelegenheid van haar veertigjarige bestaan op zaterdag 21 september a.s. weer een Nationale Genealogische Dag te Delft. Evenals bij de vorige lustra zijn er lezingen en geven bekende organisaties en verenigingen op de genealogische markt acte de présence. Dit jaar staan de lezingen in het teken van de komende viering van het 200-jarig bestaan van het Koninkrijk der Nederlanden. Als thema is de stamvader van het Huis van Oranje-Nassau gekozen met het accent op het leven van Willem van Oranje, zijn afkomst, zijn naaste familie en enkele tijdgenoten in Delft. De lezingen hebben zowel een historisch als genealogisch karakter.

Het programma is als volgt:

10.00 - 16.30 Een grote genealogische markt
10.30 - 10.45 Opening door de heer ir H. Feikema, voorzitter van de Genealogische Vereniging Prometheus
11.00 - 16.15 Een symposium met lezingen

Lezingen
11.00 - 11.30 Willem van Oranje, stamvader van het Huis van Oranje – drs. P.J. Hofland
(Museum Het Prinsenhof te Delft)

Het leven van de Prins is voor iedereen die van dichtbij kijkt een fascinerend leven, doorgebracht in een enerverende tijd, voorzien van de nodige ups en downs en ook nog eens met de nodige raadsels en vragen. Het is duidelijk dat alleen een uitgebreide biografie zulke aspecten goed voor het voetlicht kan brengen.
Voor een bondige lezing zijn keuzes nodig. Ik concentreer mij op drie momenten (1533, 1566 en 1584) en probeer de karakteristieke aspecten van leven en tijd van Willem van Oranje voor het voetlicht te brengen.
Als museummedewerker gebruik ik daar de nodige passende afbeeldingen bij.


11.45 - 12.30 Echtgenotes van Willem van Oranje – J.A. van der Steen MA
(Rijksuniversiteit Leiden)

13.30 - 14.15 Kinderen van Willem van Oranje – J.A. van der Steen MA
(Rijksuniversiteit Leiden)

14.30 - 15.15 HUGO DE GROOT (1583-1645) ALS WEGBEREIDER – prof.dr. H. Nellen
(Huygens Instituut voor Nederlandse Geschiedenis, Den Haag)

Aan de hand van Hugo de Groots bewogen levensloop zal de stelling worden verdedigd dat deze humanist en staatsman beschouwd kan worden als een sleutelfiguur in de West-Europese geschiedenis. Zijn prestaties op het gebied van het recht, de staatsleer, de geschiedenis, de Neolatijnse dichtkunst, de kerkelijke eenheid en de uitleg van de Bijbel verschaften hem al tijdens zijn leven een uitzonderlijke beroemdheid.
De geschiedenis van de vroegmoderne tijd kan opgevat worden als een proces van verwereldlijking. Betoogd zal worden dat De Groot beroemd én verguisd werd, omdat hij in dit proces een belangrijke rol heeft gespeeld.
Daarnaast zal nog op andere aspecten van Grotius’ invloed worden ingegaan. Zijn visie op het natuurrecht bepaalde lange tijd de theorie van de rechtvaardige oorlog. Voor de vrijzinnige protestanten was hij een icoon, omdat hij dogmatische verdraagzaamheid preekte. Op politiek gebied plaatste zijn verdediging van de provinciale soevereiniteit hem tegenover de Oranjegezinden. In de behandeling van Grotius’ betekenis voor latere tijden zal
ook aandacht worden besteed aan zijn handschriftelijke nalatenschap, die tot ver in de negentiende eeuw in handen van zijn nazaten bleef, maar in 1864 door een roemruchte veiling verspreid raakte.

Prof. Dr. Henk Nellen (1949) werkte als medewerker van het Grotius Instituut en het (Constantijn) Huygens Instituut vanaf 1980 aan de uitgave van de laatste vijf delen van de Briefwisseling van Hugo Grotius (17 delen, Den Haag 1928-2001).
Daarnaast verrichtte hij onderzoek naar andere thema’s uit de geschiedenis van de zeventiende-eeuwse geleerde wereld.
In april 2007 voltooide hij een biografie over Hugo de Groot: Hugo de Groot, een leven in strijd om de vrede (1583-1645), Amsterdam, uitgeverij Balans, 2007.
Momenteel doet hij onderzoek naar de afbraak van de sacrosancte status van de Bijbel in de zeventiende eeuw.
Sinds 1 september 2009 bekleedt hij ook een bijzondere leerstoel aan de Erasmus Universiteit van Rotterdam (ideeëngeschiedenis van de vroegmoderne tijd, namens de Dr. C. Louise Thijssen-Schoute Stichting).


15.30 - 16.15 Clara van Sparwoude en andere Delftse dames. Hoe hun stichtingen eeuwenlang steun boden aan jonge mensen – dr. G. Verhoeven
(historicus, archivaris en antiquair te Delft)

Clara van Sparwoude (c. 1530-1615) is een begrip onder genealogen. Zij was de stichteres van een fonds waaruit vele duizenden nazaten van haar ouders een huwelijksgift ontvingen.
Het beheer werd de eerste twee eeuwen gevoerd door de Delftse weeskamer, daarna door de gemeente Delft en van 1852 tot de opheffing in 1922 door het Ministerie van Financiën. De documentatie, die berust bij Archief Delft, bevat een schat aan genealogische gegevens.
In deze lezing worden de achtergronden van dit bijzondere initiatief geschetst. De stichting van Clara van Sparwoude kwam immers tot stand in een roerige periode, waarin ingrijpende economische, maatschappelijke en religieuze veranderingen plaatsvonden. Om scherp te krijgen in hoeverre die ontwikkelingen mede bepalend waren, worden ter vergelijking de stichtingen behandeld van twee andere Delftse vrouwen: Maria Duyst van Voorhout (1508-1587) en Maria Duyst (1526-1606). Elk op hun eigen wijze zetten deze drie vrouwen zich in om het lot van minderbedeelde jongeren te verbeteren.



Genealogische markt (verenigingsnaam in alfabetische volgorde)